U kunt een netwerkconfiguratierapport afdrukken vanaf het bedieningspaneel van het apparaat, waarin de huidige netwerkinstellingen van uw apparaat worden weergegeven. Dit zal u helpen bij de installatie van een netwerk.
Druk op de knop
() op het bedieningspaneel en kies > ().
In dit netwerkconfiguratierapport kunt u het MAC-adres en IP-adres van uw apparaat vinden.
Voorbeeld:
MAC-adres: 00:15:99:41:A2:78
IP-adres: 169.254.192.192
|
|
|
|
Eerst moet u een IP-adres instellen voor het beheren van en afdrukken via het netwerk. In de meeste gevallen wordt een IP-adres automatisch toegewezen via een DHCP-server (Dynamic Host Configuration Protocol Server) die zich in het netwerk bevindt.
Voordat u het programma SetIP gebruikt, moet u de firewall van de computer uitschakelen via > > .
Installeer dit programma vanaf de meegeleverde cd-rom door te dubbelklikken op > SetIP > .
Volg de instructies in het installatievenster.
Sluit het apparaat op het netwerk aan met een netwerkkabel.
Schakel het apparaat in.
In het menu van Windows selecteert u > > SetIP > SetIP.
Klik op het pictogram
(derde van links) in het scherm SetIP om het TCP/IP-configuratievenster te openen.
Voer als volgt de nieuwe apparaatgegevens in in het configuratievenster. In een bedrijfsintranet moeten deze gegevens mogelijk worden toegewezen door een netwerkbeheerder voordat u verder kunt gaan.
|
|
|
|
Zoek het MAC-adres in het netwerkconfiguratierapport en voer het hier in (zonder dubbele punten) (zie Een netwerkconfiguratierapport afdrukken). Bijvoorbeeld: 00:15:99:29:51:A8 wordt dus 0015992951A8. |
Klik op en vervolgens op . Het Netwerkconfiguratierapport wordt automatisch op het apparaat afgedrukt. Bevestig dat alle instellingen juist zijn.
Voordat u het programma SetIP gebruikt, moet u de firewall van de computer uitschakelen via > > .
|
|
|
|
De volgende instructies kunnen verschillen per model. |
Sluit het apparaat op het netwerk aan met een netwerkkabel.
Plaats de installatie-cd en open het schijfvenster. Selecteer vervolgens > > > .
Dubbelklik op het bestand en zal automatisch worden geopend. Selecteer vervolgens . De pagina wordt geopend in de browser. Hier vindt u de naam en het IP-adres van de printer.
Klik op het pictogram
(derde van links) in het scherm SetIP om het TCP/IP-configuratievenster te openen.
Voer de nieuwe apparaatgegevens in het configuratievenster in. In een bedrijfsintranet moeten deze gegevens mogelijk worden toegewezen door een netwerkbeheerder voordat u verder kunt gaan.
|
|
|
|
Zoek het MAC-adres in het netwerkconfiguratierapport en voer het hier in (zonder dubbele punten) (zie Een netwerkconfiguratierapport afdrukken). Bijvoorbeeld: 00:15:99:29:51:A8 wordt dus 0015992951A8. |
Selecteer , en opnieuw .
Sluit af.
Voordat u het programma SetIP gebruikt, moet u de firewall van de computer uitschakelen via or .
|
|
|
|
De volgende instructies kunnen verschillen per model of besturingssysteem. |
Open //////.
Dubbelklik op het bestand .
Klik hier om het venster TCP/IP Configuration te openen.
Voer de nieuwe apparaatgegevens in het configuratievenster in. In een bedrijfsintranet moeten deze gegevens mogelijk worden toegewezen door een netwerkbeheerder voordat u verder kunt gaan.
|
|
|
|
Zoek het MAC-adres in het netwerkconfiguratierapport en voer het hier in (zonder dubbele punten) (zie Een netwerkconfiguratierapport afdrukken). Bijvoorbeeld: 00:15:99:29:51:A8 wordt dus 0015992951A8. |
Het Netwerkconfiguratierapport wordt automatisch op het apparaat afgedrukt.